Ellen Zürcher is deelnemer van de wandelclub in Oost: ‘We kijken reikhalzend uit naar onze ontmoetingen’
oost
Ellen Zürcher is docent Nederlands als tweede taal (NT2), woont in Oost en is deelnemer van de wandelclub. Iedere dinsdag wandelt ze met een groep buren, én ze heeft zelf een nieuwe sportclub in het leven geroepen: sinds september komen buurtbewoners samen om te badmintonnen. Ellen: ‘Ik wil graag bijdragen aan de activiteiten van de Buurtcampus, want ik sta helemaal achter de missie.’

Ellen is heel blij met de samenwerking tussen de Buurtcampus, de OBA en de HvA. ‘Ik vind het in één woord geweldig. Dit is precies wat wij als bewoners hard nodig hebben. Ik denk dat er een groeiende onverschilligheid is in de buurt, en dat zorgt voor vereenzaming van bewoners en een verharding van de sfeer in de wijk. Om een voorbeeld te noemen: de bruine kroegen zijn bijna allemaal overgenomen door yuppententen zonder binding met de buurt. Gelukkig zorgen de HvA-studenten ervoor dat wij, als bewoners, ons isolement kunnen doorbreken en contact kunnen maken met buurtgenoten uit andere sociale milieus en leeftijdsgroepen.’
Ellen: ‘Ik ervaar het contact met studenten als heel positief. Ze hebben een open houding, zijn erg betrokken en enthousiast. Ik geniet echt van hun verhalen. Ik vind het ook heel knap hoe ze met ons omgaan: op hun leeftijd voelde ik me lang niet zo op mijn gemak met ouderen.’
De wandelclub is gestart in februari 2024. De groep bestaat uit vier mannen en twee vrouwen, allemaal in de zeventig. Inmiddels is er geen begeleiding meer nodig vanuit de Buurtcampus: de OBA zorgt voor een pot koffie, en de bewoners organiseren verder hun eigen bijeenkomst. Een vaste activiteit van de wandelclub is inmiddels het bezoek aan een jeu de boulesbaan in de buurt – op het Krugerplein, het Robert Kochplantsoen, of Hotel Arena in het Oosterpark.
De bruine kroegen zijn overgenomen door yuppententen
Ellen: ‘Twee van ons wonen samen met een terminale partner, de andere vier zijn weduwe, weduwnaar of ongetrouwd. Allemaal kijken we reikhalzend uit naar onze wekelijkse ontmoetingen. Dat zegt veel over het belang van deze activiteit! De stagiair(e)s trakteerden ons altijd op een drankje of ijsje na afloop van de wandeling: voor ons was dat moment net zo belangrijk als het bewegen zelf, want zoiets vergroot de verbondenheid in de groep. Nu we het zelf organiseren, volgen we hun voorbeeld en zorgen we zelf voor iets te drinken. Om de kosten te drukken nemen we om beurten een fles cider mee in een koeltas.’

De wandelgroep ging in de zomervakantie, bij afwezigheid van de studenten, gewoon door.
Ellen: ‘Toen de stagiair(e)s vertrokken, wilden we van geen stoppen weten. Maar hoe moesten we verder? Je kon op je klompen aanvoelen dat de groep zonder de drijvende kracht van de stagiair(e)s uiteen zou vallen. Ik nam spontaan de coördinatie op me.’
Ellen wordt blij van badmintonnen, jeu de boules, sjoelen en pingpongen. ‘Ik leid een overwegend zittend bestaan, dus ik heb veel behoefte aan dit soort activiteiten.’ Ze is niet de enige. De Buurtcampus werkt samen met het GGD-programma ‘Vitaal Ouder Worden’, wat gericht is op beweging – en een gezellige activiteit helpt vaak om ouderen in beweging te blijven. Ellen: ‘Ik kan echt ontroerd raken als ik het enthousiasme van de deelnemers zie. Wat de Buurtcampus doet is van immense betekenis. Jullie maken echt een verschil! Dat kan ik niet genoeg benadrukken.’